Leefbaarheidsachteruitgang (vroeg)tijdig zien aankomen

Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft in samenwerking met de onderzoeksbureaus RIGO Research en Advies en Atlas voor Gemeenten, de regio’s Noord Limburg en Drechtsteden, en de gemeente Almere een analyse-instrument ontwikkeld om een eventuele verslechtering van de leefbaarheid in wijken en buurten in een vroeg stadium te herkennen. De in de drie genoemde gebieden uitgevoerde pilot heeft positieve resultaten opgeleverd, waarna in 16 gemeenten (soms in regionaal verband) het analyse-instrument is toegepast. In het voorjaar van 2018 wil het ministerie eenzelfde aantal andere gemeenten in staat stellen gebruik te maken van dit instrument.

Het analyse-instrument

Dit instrument bestaat in feite uit drie onderdelen:

  1. Initiële wijk en buurtanalyses op basis van nationaal beschikbare data;
  2. Aanvullende analyses op basis van lokale/regionale databronnen en (zachte) kennis;
  3. Gesprek met lokale/regionale stakeholders om de uitkomsten van de analyses te interpreteren.

Bij de eerste twee onderdelen worden voor alle buurten eventuele risico’s in beeld gebracht. Dit gebeurt op basis van een groot aantal bestanden m.b.t. een groot aantal thema’s. Bijvoorbeeld:

  • Bevindt de buurt zich in een zogenaamde omslagzone (waarbinnen kleine veranderingen in de buurt grote gevolgen voor leefbaarheid kunnen hebben)?
  • Is de buurt extra gevoelig voor conjuncturele schommelingen?
  • Is de buurt extra gevoelig voor eventuele in- of uitstroom uit de wijk? Bijvoorbeeld vanwege
    • (aantrekkelijke) nieuwbouwbuurten elders in de gemeente of regio
    • sloop (van minder aantrekkelijke complexen) in andere buurten
    • naar verwachting een groot aantal (op korte termijn) vrijkomende woningen, bijvoorbeeld als er veel senioren (75+) in de wijk wonen
    • etc
  • Hoe verhoudt de woningaanbod zich in de buurt ten opzichte van de omliggende gebieden. Oftewel: in hoeverre kunnen de woningen en woonmilieus concurreren met andere buurten?

Per buurt kan vervolgens inzichtelijk gemaakt worden op hoeveel van dergelijke mechanismen de buurt risico kan lopen op onwenselijke (leefbaarheids)ontwikkelingen. Voor hoe meer mechanismen en analyses risico’s worden gesignaleerd, des te groter de kans op onwenselijke ontwikkelingen zal zijn.

Bij het derde onderdeel worden de uitkomsten van de analyses in context geplaatst. Dit kan bijvoorbeeld door gesprek te voeren met lokale professionals. Deze derde stap is essentieel, omdat dan de omvang van de risico’s kan worden ingekleurd.

Succesvolle pilot

De pilot heeft voor de drie deelnemende gebieden nuttige inzichten opgeleverd. In Noord Limburg heeft de gemeente Venlo de uitkomsten gebruikt bij vormgeving van wijkgericht beleid. De analyses hebben de gemeente Almere geholpen om met elkaar het gesprek te voeren over gebieden in de stad waar op dit moment geen problemen zijn, maar waar dit in de nabije toekomst zou kunnen veranderen. De gemeente Almere heeft daarom besloten de ontwikkelingen in deze wijk met extra aandacht te monitoren. In de Drechtsteden hebben de analyses geholpen om binnen regionaal (en binnen gemeentelijk) goede gesprekken over regionale (gemeentelijke) ontwikkelingen te voeren.

Aanmelden voor lokale analyses

Vanwege de bewezen bruikbaarheid van de analyses wil, zoals gezegd, het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ook andere gemeenten in Nederland de mogelijkheid bieden gebruik te maken van dit instrument. Een 16-tal gemeenten heeft in 2016 deelgenomen. Bij voldoende belangstelling volgt voorjaar 2018 een nieuwe mogelijkheid om eenzelfde aantal gemeenten te laten deel nemen. Geïnteresseerde gemeenten kunnen hun belangstelling kenbaar maken via postbus.leefbaarometer@minbzk.nlpostbus.leefbaarometer@minbzk.nl.

Leefbaarometer.